| Afscheid is op nieuw beginnen |
|
|
|
|
Killarney 14 september. Vandaag ben ik weer alleen op weg gegaan. Het is even wennen na al dat bezoek. Vanmiddag om half één heb ik afscheid genomen van Johan enadat we eerst nog koffie gedronken hebben bij een nederlands stelletje dat op de camping stond. Daarna zijn we allebei een kant opgegaan. Hij naar het noorden om morgenochtend in Shannon het vliegtuig te nemen en ik richting het zuiden. Het voelt voor mij als een start van het laatste deel van mijn tocht. Omdat ik vandaag laat ben vertrokken heb ik er een kort tochtje van gemaakt. Voor mij is dit ook wel goed om weer te wennen aan het alleen zijn. Als ik vandaag verder gefietst was, was ik waarschijnlijk over dat gevoel heen gefietst. Dus vanavond lekker alleen in mijn tentje, eten koken, wat lezen en vroeg naar bed. Trouwens sinds vanmorgen wordt ik vergezeld door de schedel van het schaap dat ik gisteren in de bergen gevonden heb. De schedel paste precies achter op mijn bagage dus hij mag van mij mee rijden tot het einde van de tocht. Eens kijken wat hij mij onderweg te vertellen heeft. Wat als eerste in mij opkwam was een boedistisch wijsheid. “Wie niet dood kan gaan kan niet leven”. Het was trouwens wel mooi want vanmorgen toen ik op het punt stond te vertrekken kwam er een Ierse man naar me toe waar ik gister een tijd mee had staan praten. Hij gaf me hand en zei dat hij een oude keltische afscheid spreuk mee wilde geven op mijn tocht. Hij zei de spreuk in de oude taal en het betekende vrij vertaald “Ga en laat de weg achter je”. Ook die neem ik mee in het laatste deel van mijn tocht. Ik weet niet precies waarom het voelt als het laatste deel van mijn tocht want het is nog ongeveer 2000 kilometer naar Lochuizen toe. Ik denk dat het te maken heeft met het bezoek dat ik in Bergen en in Limmerick gehad heb. Dat is toch een onderbreking van het alleen op weg zijn. Morgen begint voor mij het echte fietsen weer. Ik wil van Killarney naar Bantry fietsen naar mijn schatting zo’n kleine 100 kilometer door een bergachtig gebied. Het lijkt me een prachtige tocht langs de Macgillycuddy’s Reeks met daarin de hoogste berg van Ierland die 1038 meter hoog is. Daar hoef ik gelukkig niet overheen maar wel over minimaal één pas. Dus dat wordt klimmen morgen. Vanaf Bantry ga ik daarna in westelijke richting via Cork naar Roslaire waar ik de veerboot naar Wales neem. Wanneer ik de oversteek maak weet ik nog niet. Dat hangt o.a. van de zwaarte van dit stuk af. Gelukkig zijn de weersverwachtingen tot zaterdag redelijk maar je weet hier nooit. In elk geval was het vandaag weer prachtig weer en dat is mooi meegenomen. |







gedronken hebben bij een nederlands stelletje dat op de camping stond. Daarna zijn we allebei een kant opgegaan. Hij naar het noorden om morgenochtend in Shannon het vliegtuig te nemen en ik richting het zuiden. Het voelt voor mij als een start van het laatste deel van mijn tocht. Omdat ik vandaag laat ben vertrokken heb ik er een kort tochtje van gemaakt. Voor mij is dit ook wel goed om weer te wennen aan het alleen zijn. Als ik vandaag verder gefietst was, was ik waarschijnlijk over dat gevoel heen gefietst. Dus vanavond lekker alleen in mijn tentje, eten koken, wat lezen en vroeg naar bed. Trouwens sinds vanmorgen wordt ik vergezeld door de schedel van het schaap dat ik gisteren in de bergen gevonden heb. De schedel paste precies achter op mijn bagage dus hij mag van mij mee rijden tot het einde van de tocht. Eens kijken wat hij mij onderweg te vertellen heeft. Wat als eerste in mij opkwam
was een boedistisch wijsheid. “Wie niet dood kan gaan kan niet leven”. Het was trouwens wel mooi want vanmorgen toen ik op het punt stond te vertrekken kwam er een Ierse man naar me toe waar ik gister een tijd mee had staan praten. Hij gaf me hand en zei dat hij een oude keltische afscheid spreuk mee wilde geven op mijn tocht. Hij zei de spreuk in de oude taal en het betekende vrij vertaald “Ga en laat de weg achter je”. Ook die neem ik mee in het laatste deel van mijn tocht. Ik weet niet precies waarom het voelt als het laatste deel van mijn tocht want het is nog ongeveer 2000 kilometer naar Lochuizen toe. Ik denk dat het te maken heeft met het bezoek dat ik in Bergen en in Limmerick gehad heb. Dat is toch een onderbreking van het alleen op weg zijn. Morgen begint voor mij het echte fietsen weer. Ik wil van Killarney naar Bantry fietsen naar mijn schatting zo’n kleine 100 kilometer door een
bergachtig gebied. Het lijkt me een prachtige tocht langs de Macgillycuddy’s Reeks met daarin de hoogste berg van Ierland die 1038 meter hoog is. Daar hoef ik gelukkig niet overheen maar wel over minimaal één pas. Dus dat wordt klimmen morgen. Vanaf Bantry ga ik daarna in westelijke richting via Cork naar Roslaire waar ik de veerboot naar Wales neem. Wanneer ik de oversteek maak weet ik nog niet. Dat hangt o.a. van de zwaarte van dit stuk af. Gelukkig zijn de weersverwachtingen tot zaterdag redelijk maar je weet hier nooit. In elk geval was het vandaag weer prachtig weer en dat is mooi meegenomen. 






